Menu

Uitdagingen en kansen voor de melkveehouderij

Zo aan het begin van 2019 is het goed om stil te staan bij de uitdagingen en kansen voor 2019. Onderneem je in de melkveehouderij? Dit zijn de belangrijkste aandachtspunten én kansen voor melkveehouders.

 

Fosfaatrechten en droogte

Het jaar 2018 staat bij de huidige generatie melkveehouders in het geheugen gegriftdoor de introductie van de fosfaatrechten en de uitzonderlijke droogte. Het was ook een jaar waarin een aantal visies zijn gepresenteerd over de melkveehouderij van de toekomst. Verder was het een jaar waarin de markt melkprijzen differentieerde gekoppeld aan verschillende melkstromen.

Kortom: genoeg stof tot nadenken voor jou als melkveehouder. Hoe ‘toekomstproof’ is jouw bedrijf en bedrijfsvoering? En waarop kun je dit jaar anticiperen?

 

Melkmarkt lijkt een groeimarkt te blijven

Op het eerste oog pakt de start van 2019 slecht uit voor het rendement op melkveebedrijven. Veel melkprijzen tenderen namelijk neerwaarts, terwijl de ruwvoerkosten en mestafzetkosten hoog zijn.

Toch voorziet de Countus Melkvee Index een stijgend rendement. De melkmarkt lijkt een groeimarkt te blijven en de prognose voor 2019 is redelijk positief. Op de zuivelmarkt tonen de noteringen van de melkpoeders een stijgende lijn en er is een goede vraag naar melkvetproducten.

De melkprijs wordt in toenemende mate ook bepaald door de wijze van productie. Productie met inachtneming van de maatschappelijke- en marktgewaardeerde wijze, zoals weidegang, biodiversiteit en foodprint, biedt kansen voor rendementsverbetering. Jouw uitgangssituatie is vanzelfsprekend bepalend voor het rendementsperspectief. Maar het is zeker de moeite waard de mogelijkheden te verkennen.

 

Inzicht in eigen kasstroom

Liquiditeitsmanagement kan en mag niet ontbreken op het melkveebedrijf van de toekomst. De melkmarktverwachtingen zijn niet ongunstig, maar meer factoren bepalen uiteindelijk het rendement. Voerposities zijn op veel plaatsen gekrompen met hogere ruwvoerprijzen tot gevolg en de krimp van veestapels zien we nog niet terug in de mestmarkt.

De beschikbaarheid van vaarzen voor vervanging van de eigen veestapel kan in de loop van het jaar ook effect hebben op het melkvolume. Zorg dus voor inzicht in de eigen kasstroom, zodat je adequaat kunt anticiperen op de ontwikkelingen in 2019.

 

Kringlooplandbouw is grondgebonden melkveehouderij

Met het lanceren van haar visie geeft minister Carola Schouten richting aan de ontwikkeling van de melkveehouderij in Nederland en invulling aan haar eigen beleidsinstrumenten. De visie gaat in op de omslag naar een kringlooplandbouw en wat dit van Nederland vraagt.

Ook al is de definitie van de kringlooplandbouw nog niet scherp, het piketpaaltje is geslagen. De grondgebondenheid van de sector moet worden versterkt. De sector is ook overtuigd van deze richting met het bindend advies van de commissie grondgebondenheid aan de LTO en NZO.

Schouten voegt de daad bij het woord met de grondgebondenheidsvoorwaarde gekoppeld aan de deelname aan de fosfaatbank die zal worden opengesteld. Ook de investerings- en bedrijfsplannen die worden aangeboden voor het bedrijfsovernamefonds zullen naar alle waarschijnlijkheid worden getoetst in hoeverre ze aansluiten op haar landbouwvisie. Jonge ondernemers kunnen vanuit hun uitgangsituatie beoordelen of ze in 2019 rekening kunnen houden met deze ontwikkelingen.

 

Eigen eiwit en stikstofefficiëntie

Grondgebondenheid wordt in de visie van de sector uitgedrukt in de mate van de productie van eigen eiwit. 65% is de geadviseerde norm, waarbij gekocht eiwit uit de regio mag worden meegenomen.

Het percentage eigen eiwit kun je verhogen door enerzijds meer zelf te produceren en anderzijds de stikstofefficiëntie van de veestapel te verbeteren. Dat laatste is nadrukkelijk ook van belang met het oog op het stikstofplafond gekoppeld aan de derogatie.

Fosfaatproductie is begrensd via de fosfaatrechten. Dit geldt niet voor de stikstofproductie. Binnen de beschikte fosfaatrechten is op bedrijfsniveau de neiging de melkproductie op te drijven met aangekocht eiwit. Het plafond van 281,8 miljoen kg mag niet worden overschreden.

Vanuit rendementsoogpunt is het van belang te anticiperen op eigen eiwit en stikstofefficiëntie. Bedrijven met een hoge eigen eiwitproductie en een hoge benutting van het eigen geteelde eiwit scoren een hoge voerwinst per koe en per hectare. De focus is de laatste jaren volop gericht geweest op de fosfaatefficiëntie waarmee de derogatie is veilig gesteld.

 

De uitdaging voor 2019

Het verbeteren van de stikstofefficiëntie is de uitdaging voor 2019, waar we aanwezig vakmanschap volop kunnen loslaten bij het telen van voer en het voeren van melkkoeien.

Door: Jaap Gielen

Datum: 15-02-2019

Plaats een reactie

Reageren? Deel hier je mening. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.