Martin Hemmink
Melkveehouderij Martin Hemmink

In gesprek met melkveehouder Martin Hemmink

Veel melkveehouders hebben de rekenmachine erbij gepakt na 2 droge zomers. Nóg een jaar met lede ogen aanzien dat het gras nauwelijks groeit, lijkt geen optie. Gaan ze beregenen, laten beregenen of toch niet beregenen? Wat kost het en wat levert het op? We spraken melkveehouder Martin Hemmink uit het Gelderse Heelweg over zijn bedrijf én over hoe hij omgaat met beregenen.

2 locaties

Martin heeft samen met zijn vrouw Anneke een bedrijf in Heelweg. Deze boerderij kocht hij 3 jaar geleden als tweede locatie naast het bedrijf in Ambt Delden. Op deze plek zetten zijn dochter Laura en schoonzoon Jesse het bedrijf met 110 melkkoeien voort.

Martin vertelt: ‘We hebben het bedrijf verdeeld over twee locaties. In Ambt Delden hadden we 200 koeien en deden we aan zomerstalvoedering, maar we wilden het weiden graag weer opstarten. Enerzijds vanwege de maatschappelijke wens en anderzijds vanwege de weidepremie. Maar op een huiskavel van 20 ha is dat lastig. Vandaar de aankoop van de boerderij in Ambt Delden. Daar hebben we een pachtlocatie van 47 ha. Zo kunnen we op beide plekken weiden’.

‘Gelukkig wilden mijn dochter en schoonzoon erbij in de maatschap’, gaat hij verder. Dit is best wel bijzonder, want Jesse komt uit de bouw en varkenshouderij en had weinig ervaring met koeien. Maar hij pakt het erg goed op’, vertelt de tevreden melkveehouder.

Geen robots meer

Deze plek in de Achterhoek past de melkveehouders goed. Ze hebben een areaal van 84 ha in gebruik, inclusief de jongveelocatie. Ook de huiskavel van 35 ha sluit goed aan bij hun wensen. De buurman fokt het jongvee op. Om de stal om te kunnen bouwen tot een 2x7-melkstal, verkochten ze de robots die in de stal in Ambt Delden aanwezig waren. Martin ging in Heelweg ook weer melken in de 2x8-melkstal. ‘De robots hebben we eruit gedaan omdat we weer met weiden wilden beginnen. Zonder robot ben je veel flexibeler, vind ik.’

Prettige gesprekspartner

Countus begeleidde de familie tijdens dit hele traject. ‘Dat deed Countus ook al toen ik het bedrijf in Ambt Delden overnam van mijn schoonouders in het jaar 2000’, vertelt Martin. ‘Countus denkt goed mee en de lijnen zijn kort. Net als bij het aangaan van een maatschap is het een kwestie van vertrouwen in elkaar. Dat hebben we in de mensen van Countus. Ik bel regelmatig met onze adviseur Louis Buschers om te sparren. Daar is altijd tijd en ruimte voor.’

‘Ook als het gaat om de maatschap met mijn dochter en schoonzoon, heeft Countus de zaken goed voor ons uitgezocht en uitgelegd. Dat voelt prettig. We zijn open naar elkaar en Louis weet wat er speelt en wat voor ons belangrijk is. Countus is een prettige gesprekspartner.’

Maïs laten beregenen

Bij de aankoop van het bedrijf in Heelweg keek Martin goed naar de grondsoort. ‘Ik wilde niet dat de grond gevoeliger was voor droogte dan in Ambt Delden. We hebben hier voordat de koop definitief werd, regelmatig rondgereden. In 2017, toen we het kochten, was het ook al droog. Ondanks dat werd er nog niet beregend en stonden de gewassen er goed bij.

De verschillen in grondkwaliteit zijn groot. Zo kwam er van een nabijgelegen maïsperceel nauwelijks opbrengst, terwijl iets verderop de maïs er goed bij stond.

Martin liet 2 jaar lang een loonwerker het maïsland beregenen. ‘We hebben de maïs er toen mee gered.’ De maïsopbrengst was in 2019 tussen de 12.000 en 13.000 kg ds. In 2018 was dat rond de 12.000 kg. Het grasland leverde in 2018 ruim 6.000 kg ds op en in 2019 ruim 7.500 kg.

Eigen beregeningsinstallatie

Afgelopen winter investeerde Martin in een eigen beregeningsinstallatie. En dat levert hem wel extra arbeid, maar ook veel gemoedsrust op. ‘De zandgrond is hier in principe goed, maar in tijden van droogte – die we vaker gaan krijgen – is het prettig om de percelen op de juiste momenten van water te kunnen voorzien’, vertelt hij.

‘We hebben ervoor gekozen om het grasland te gaan beregenen om de koeien aan het weiden te houden en het gras mooi groen te houden. Als je zelf een installatie hebt, is de drempel om te gaan beregenen veel kleiner.’

‘We hebben het voordeel dat er in de percelen rond het bedrijf een ringleiding ligt met om de 100 meter een waterpunt. Deze waterpunten functioneren prima. Ook waren in de veldkavels al 2 waterbronnen geslagen. Het was voor ons dus niet noodzakelijk om daarin te investeren. Pluspunt is ook dat hier onbeperkt water is. 80 tot 100 kuub per uur is heel reëel.’

Investering in kosten en tijd

De totale investering bedroeg € 40.000 voor een haspel van 350 meter en een pomp. Inmiddels (eind juni 2020) heeft Martin 30 ha 2 keer beregend met 20 tot 25 mm per keer. De veldcapaciteit ligt namelijk rond de 20 mm. Martin erkent dat de extra tijd die daarin gaat zitten, behoorlijk is. ‘Het kost me gemiddeld 2 uur per dag. Dat komt er wel extra bij. Natuurlijk ligt het eraan of het lange percelen zijn of niet en hoe vaak ik de installatie moet verzetten.’

Naast de aanschaf en afschrijving, rekent Martin met een liter diesel per mm per ha. ‘Per keer dat je het grasland beregent, kost het je zo’n 25 liter diesel per ha. Het ene jaar kom ik in totaal met 100 liter uit, het andere jaar misschien wel met 150 liter. Onderaan de streep kom ik denk ik al een eind met € 5.000 tot € 7.000 aan extra brandstofkosten, arbeid niet meegerekend.’

De maïs gaat Martin in juli hoogstwaarschijnlijk ook beregenen. Van de 20 ha maïs kan hij 10 ha beregenen. ‘Door de neerslag die we midden en eind juni hebben gehad, heeft de plant mooi wat worteldiepte gekregen. Met 4 keer beregenen komen we dan al een heel eind. Ik denk dat het met 150 liter diesel wel ophoudt.’

Ondanks dat hij nu zelf kan beregenen, heeft Martin uit voorzorg dit voorjaar 45 ha graskuil aangekocht. ‘Ik anticipeer liever uit voorzorg, dan dat ik straks een lege kuilplaat heb. Liever al wat eerder aankopen, dan halverwege het seizoen met tekort zitten.’