Agro

Voorbeeldberekeningen van de landelijke beëindigingsregeling

12 aug 2022

‘Woest aantrekkelijk’ zou de landelijke beëindigingsregeling volgens stikstofminister Christianne van der Wal zijn. Deze woorden gebruikt Countus niet om de regeling te omschrijven. Je laten opkopen en ‘woest aantrekkelijk’ passen volgens ons niet in 1 zin. Maar eerlijk is eerlijk: de waardering voor de gebouwen is niet misselijk. Benieuwd hoe het er financieel uit kan zien? In dit artikel nemen we je mee in 2 voorbeeldberekeningen.

Voor deelname

Om deel te kunnen nemen aan de regeling moet je in ieder geval een veehouderij met productierechten hebben; een varkensbedrijf, pluimveebedrijf of melkveebedrijf.
Daarnaast gelden in eerste instantie de volgende eisen:

• Je hebt een stikstofdepositie van minimaal 50 mol per jaar.
• Je hebt in de afgelopen 5 jaar geen overtreding begaan in het dier- of fosfaatrechtenstelsel.
• Je hebt de afgelopen 3 jaar onafgebroken gebruikgemaakt van de productiecapaciteit.

Na deelname

Als je deelneemt aan de regeling, teken je voor een beroepsverbod voor de dieren die je hield. Daaronder liggen alle voorwaarden ten grondslag die daarmee te maken hebben: van het verwijderen van de dierlijke mest van je locatie tot aan het laten vervallen van bijna al je productierechten en het slopen van de gebouwen. Ook bestemmingsplannen en vergunningen moeten worden ingetrokken of gewijzigd. Onderschat de rompslomp en emotie die hierbij komt kijken niet.

Vergoeding

Natuurlijk staat daar ook iets tegenover. 100% van de door te halen productierechten wordt namelijk vergoed tegen marktwaarde. Ook krijg je 100% van de gecorrigeerde vervangingswaarde van de te slopen productiecapaciteit vergoed. Onder de productiecapaciteit verstaan we dierverblijven, mestopslagen en voeropslagen.

Berekening

Stel, je hebt een zeugenstal van 800 m2, circa 130 zeugenplaatsen inclusief biggenplaatsen, en deze heb je sinds het begin van 1996 in gebruik. Ervan uitgaande dat je aan het eind van 2023 afstand hebt gedaan van dieren, mest en productierechten, is het gebouw op dat moment 28 jaar oud. In de conceptregeling van de beëindigingsregeling staat beschreven dat je dan € 230,80 per m2 mag rekenen. Dat is € 184.640 voor de zeugenstal.

Nog een voorbeeld: een vleesvarkensstal van 1.200 m2, circa 1.200 vleesvarkensplaatsen op basis van 0,8 m2 hokoppervlakte, van begin 2006. De norm per m2 is nu € 344,80. Dan komen we op € 413.760 voor de vleesvarkensstal. In de markt zul je deze bedragen niet gauw voor je gebouwen krijgen.

Vergeet echter niet dat de sloopkosten wél voor je eigen rekening komen. Daar staat tegenover dat er wellicht mogelijkheden zijn voor het realiseren van woningen op het erf of andere activiteiten, mits het past binnen 15% van je huidige stikstofuitstoot.

Goed nadenken

In oktober zal de beëindigingsregeling definitief worden gepubliceerd. Het is daarom een goed moment om af te wegen of de regeling bij je situatie past of niet. Wil je weten wat jouw ‘kans’ is binnen deze regeling? We helpen je graag om een voorlopige berekening te maken. Niet alleen met de gebouwwaardes, maar met jouw hele totaalplaatje.

Rompslomp

Ook behoeden we je graag voor de rompslomp rondom bijvoorbeeld de herbestemming van de locatie en het staken van je onderneming. Besluiten om deel te nemen aan de regeling kan veel onrust geven. Bij aanmelding weet je niet meteen of je ook daadwerkelijk kunt deelnemen, dus je leeft lange tijd in onzekerheid. Zelf heb je in ieder geval een beslistermijn van 6 maanden.

Meer weten over de landelijke beëindigingsregeling?

Wij vertellen je graag meer over de landelijke beëindigingsregeling en over de mogelijkheden om een berekening te maken. Neem hiervoor contact op met jouw adviseur.