Algemeen

Mestplan 2020: reken je met de juiste normen?

16 jan 2020

Wil je weten wat er in 2020 wijzigt in het mestbeleid? In dit artikel hebben we het voor je op een rij gezet. Hiermee krijg je een beeld van wat deze wijzigingen voor jouw bedrijf en je mestplan betekenen.

Wijzigingen plaatsingsruimte fosfaat

Vanaf 2020 zijn er wijzigingen in de fosfaatdifferentiatie. Er komt een nieuwe klasse bij en de normen per hectare wijzigen. Wil je hier meer over weten? Lees dan meer over de fosfaatgebruiksnormen in 2020.

Wijzigingen excretienormen: wel of niet?

Vanaf 2020 zouden de excretienormen van heel veel diercategorieën wijzigen. Maar lang niet alle wijzigingen zijn doorgegaan. Wil je weten hoe dat zit? Lees meer over de wijzigingen van de excretienormen 2020.

Equivalente maatregelen fosfaat vervallen

Bij gronden in de fosfaatklassen ‘laag’ en ‘neutraal’ kon je bij hoge gewasopbrengsten onder voorwaarden extra fosfaatruimte gebruiken. Deze equivalente maatregelen fosfaat zijn overbodig geworden. Dat komt door de verfijning van de fosfaatklassen en de hogere fosfaatgebruiksnormen voor de fosfaattoestanden neutraal en laag. Deze zijn daarom vervallen. De equivalente maatregelen stikstof blijven nog wel bestaan. De aanmeldperiode daarvoor is 1 maart tot 1 juni.

Extra fosfaatplaatsingsruimte

Om het organische stofgehalte te verhogen op percelen met fosfaatklasse ‘hoog’, kun je 5 kg extra fosfaatplaatsingsruimte krijgen (biologisch 10 kg). Dit mag alleen als je minimaal 20 kg fosfaat bemest uit meststoffen met een hoog organische stofgehalte. Het gaat om de volgende mestsoorten:

  • Strorijke vaste mest van rundvee, schapen, geiten en paarden
  • Dikke fractie van rundveemest
  • Champost
  • GFT-Compost
  • Groencompost
  • Strorijke vaste mest van varkens (alleen voor biologische bedrijven die deze mest zo kort mogelijk voor het inzaaien of poten toedienen)

Je moet uiterlijk 31 december melden op welke percelen extra fosfaat wordt gebruikt.

Grondgebonden groei melkveehouderij

Voor de regeling ‘Grondgebonden groei melkveehouderij’, beter bekend als ‘grondgebondenheid’, zijn er 2 aandachtpunten:

  • Herrekening Melkveefosfaatoverschot 2014 door aangepaste fosfaatplaatsingsnormen
  • Bewaartermijn berekening melkveefosfaatoverschot 2014 verlengd

Herrekening Melkveefosfaatoverschot 2014
Een onderdeel van de berekening van de grondgebondenheid is het melkveefosfaatoverschot 2014 (MFO 2014). Hiervoor moet je gebruikmaken van de forfaitaire normen in het actuele jaar. Met andere woorden: voor de MFO 2014 die wordt gebruikt in de grondgebondenheidsberekening van 2020 moet je de forfaitaire plaatsingsnormen van 2020 toepassen. Hierdoor kan de berekening anders uitpakken.

Bewaartermijn berekening melkveefosfaatoverschot 2014 verlengd
De bewaartermijn voor de mestboekhouding is minimaal 5 jaar na afloop van een kalenderjaar. 2014 en de onderbouwing van het MFO 2014 zou per 2020 dus buiten deze bewaartermijn gaan vallen. Daarom is de bewaartermijn voor die onderbouwing verlengd. Als je stopt met je bedrijf, moet je deze onderbouwing nog ten minste 5 jaar bewaren. Een bedrijf wat in november 2020 gaat stoppen, moet de informatie over de MFO 2014 bewaren tot en met 31 december 2025.

Verdere wijzigingen

Per 2021 wordt de fosfaatklasse van de fosfaatdifferentiatie bepaald op basis van de fosfaatbeschikbaarheid (P-CaCl2 / P-PEA) en de bodemvoorraad (P-AL). Let erop dat deze waarden worden bepaald als je nieuwe monsters laat steken.
De sectorale stikstof- en fosfaatplafonds zijn opgenomen in de Meststoffenwet.
Voor pacht- of huurcontracten van natuurgronden die je na 1 januari 2020 afsluit of verlengt, moet je beschrijven hoeveel kilogram stikstof en fosfaat er gebruikt mag worden. Het is bijvoorbeeld niet meer genoeg om alleen de hoeveelheid mest te beschrijven.
Op gras- en bouwland die je als ‘overige grond’ gebruikt, mocht je altijd 80 kg fosfaat per hectare gebruiken. Voor grasland wordt dit 90 kg en voor bouwland 60 kg.
Het onderzoek mineralenconcentraat is verlengd tot en met 31 december 2021.

Meer weten?

Weten wat de wijzigingen in het mestbeleid voor jouw mestplan betekenen? Ga naar het contactformulier of neem contact op met je ondernemersadviseur.