Menu

Het mestbeleid in 2018: waar moet je op letten?

Zo aan het begin van het jaar is het goed een aantal zaken voor het mestbeleid voor 2018 scherp te hebben. Waar moet je rekening mee houden? En wanneer moet je actie ondernemen?

 

Invulling derogatie

Nederland heeft officieel nog geen derogatie. Eind 2017 deelde minister Schouten mee dat volgens haar de inhoudelijke invulling van de nieuwe derogatie minimaal gelijk zou moeten zijn aan de huidige derogatie.

Wat te doen? Je kunt voor 2018 een mestplan opstellen op basis van de normen van 2017. Zo heb je een indicatie van de uitkomsten van de gebruiksnormen in 2018. De uitgangspunten gaan wel wijzigen, dus houd een ruime marge aan in je berekening. En zijn straks de voorwaarden voor de nieuwe derogatie bekend? Neem dan je mestplan opnieuw onder de loep.

 

Grondmonsters na 15 mei 2014

Omdat er nog geen derogatie is verleend, is er ook nog onduidelijkheid over de geldige grondmonsters voor de derogatie. Zijn je grondmonsters niet meer geldig? Dan raden we je aan om de komende weken nieuwe monsters te nemen.

Om gebruik te maken van fosfaatdifferentiatie mogen de grondmonsters op 15 mei 2018 niet ouder zijn dan 4 jaar. Voor dit jaar geldt dat de monsters gestoken moeten zijn na 15 mei 2014.

 

Wet grondgebonden groei melkveehouderij van kracht

Om melkvee te mogen houden ben je verplicht grond te hebben. Het jaar 2018 is het eerste jaar dat de grondgebondenheid in een wet is verankerd.

Er was in 2016 en 2017 een discussie over of voer-mest contracten meegenomen mogen worden in de berekening van grondgebondenheid. De minister vindt deze vorm te fraudegevoelig en gaat hiermee niet akkoord. Deze route kun je dus niet gebruiken.

Als je niet voldoet aan de Wet grondgebonden melkveehouderij betekent dit dat je minder melkvee moet houden of meer grond moet verwerven. Blijkt aan het einde van het jaar dat je te veel fosfaat hebt geproduceerd en hiervoor geen grond tot beschikking had? Dan loop je het risico op een boete.

 

Voorzieningen Wet grondgebonden groei melkveehouderij

Is je melkveefosfaatoverschot (MFO) in 2014 door bijzondere omstandigheden, zoals ziekte, vernieling van de stal of aanleg van publieke infrastructuur, minimaal 5% lager? Dan kun je mogelijk aanspraak maken op voorzieningen in de Wet grondgebonden groei melkveehouderij.

Let op
Je moet uiterlijk 15 februari 2018 deze omstandigheden melden bij de RVO. Als je voldoet aan de voorwaarden mag je voor het berekenen van je maximale MFO in het huidige jaar gebruikmaken van een gecorrigeerde MFO 2014.

Geef je tijdelijk grond uit gebruik voor de aanleg van publieke infrastructuur in 2018? Ook daarvoor staat een voorziening in deze wet. Dit meld je via de Gecombineerde opgave.

 

Fosfaatrechten een feit

Nu het stelsel van fosfaatrechten in werking is getreden, mag je met je melkvee niet meer fosfaat produceren dan het aantal fosfaatrechten dat op je beschikking fosfaatrechten staat en wat je eventueel hebt aangekocht.

Wat te doen? Weet waar je staat en houd hier rekening mee in de fosfaatproductie. Wij kunnen je uiteraard helpen om jouw positie in beeld te brengen.

Controleer daarnaast de beschikking fosfaatrechten. Zijn de wijzigingen die je vorig jaar hebt doorgegeven goed verwerkt en kloppen de aantallen? Kun je een beroep doen op bijzondere omstandigheden?

Let op
Als je bezwaar wilt maken, moet dat binnen 6 weken na dagtekening van de beschikking.

 

Mestverwerkingsplicht

Verwacht je een bedrijfsoverschot? Dan moet je een deel van de mest laten verwerken. Het percentage dat je moet laten verwerken, hangt af van de regio waarin jouw bedrijf is gevestigd. Dit zijn de percentages:

  • Oost: 52%
  • Zuid: 59%
  • Overig: 10%

Heb je een mestverwerkingsplicht? Dan raden we je aan om nu alvast na te denken over je strategie voor 2018. Kies je voor een vervangende verwerkingsovereenkomst (VVO) of een mestverwerkingsovereenkomst (MVO)? Dan kun je dit ook later dit jaar bepalen. Kies je voor een regionale mestafzetovereenkomst (RMO)? Dan moet voorafgaand aan de eerste levering van mest een overeenkomst zijn opgesteld.

 

Wijzigingen forfaitaire waarden

Er zijn dit jaar weer een aantal forfaitaire waarden in de Meststoffenwet aangepast. De forfaitaire fosfaatexcretie van melkgeiten is bijvoorbeeld verlaagd naar 4,3 kilogram fosfaat per jaar. Maar ook de forfaitaire gehaltes in diverse mestsoorten zijn veranderd, zoals bij vaste rundveemest en geitenmest.

Tip
Houd in je plannen voor 2018 rekening met deze wijzigingen.

 

KringloopWijzer opstellen en indienen

Als melkveehouder ben je voor zuivelondernemingen verplicht om de KringloopWijzer over 2017 op te stellen en in te dienen. De KringloopWijzer kun je als managementinstrument gebruiken om je bedrijfsvoering te optimaliseren. Ook kun je de KringloopWijzer voor een deel al gebruiken als verantwoordingsinstrument voor de mestwetgeving. Denk daarbij aan de BEX, die voor iedere melkveehouder beschikbaar is.

Let op: dit geldt ook voor andere onderdelen die op beperktere schaal in pilotvorm worden toegepast. Zorg daarom voor een juist opgestelde KringloopWijzer. Per zuivelonderneming is de uiterste indieningsdatum daarvoor verschillend. De meeste ondernemingen willen uiterlijk 14 mei 2018 de KringloopWijzer over 2017 hebben ontvangen, voor Cono en Bel-Leerdammer geldt een deadline van 28 februari 2018.

 

 

Meer weten?

Wil je meer weten over wat je te doen staat omtrent het mestbeleid? Vul het contactformulier in of neem contact op met één van onze adviseurs. We helpen je graag verder.

Ik wil graag meer weten over het mestbeleid

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Datum: 12-01-2018

Plaats een reactie

Reageren? Deel hier je mening. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.