Menu

1. Eindejaarstips voor alle belastingplichtigen

Wat kun je fiscaal dit jaar nog doen of juist nalaten om minder belasting te betalen? Bekijk hiervoor onze eindejaartips voor belastingplichtigen:

 

1. Speel in op de aftrekbeperking in box 1

De tarieven in box 1 voor inkomsten uit werk en woning worden de komende jaren fors verlaagd, te beginnen in 2019. Alleen het tarief van de eerste schijf (inkomen tot € 20.142) gaat in 2019 met 0,1% omhoog naar 36,65%. Het tarief van de tweede schijf (inkomen tussen € 20.142 en € 68.507) daalt met 2,75% naar 38,1%. Over het inkomen boven de € 68.507 betaal je volgend jaar 51,75% (een vermindering van 0,2%).

Dit betekent ook dat aftrekposten minder voordeel opleveren. Bovendien wordt het maximum aftrekpercentage voor het overgrote deel van de aftrekposten vanaf 2020 in 4 jaar tijd afgebouwd naar 37,05% in 2023. Dat is een verschil van 14,9%-punt ten opzichte van 2018.

Tip:
Haal aftrekposten zo veel mogelijk naar voren in de tijd. Een gift van € 10.000 aan een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) levert nu nog een fiscaal voordeel op van maximaal € 5.195. In 2023 levert dezelfde gift nog maar een voordeel op van maximaal € 3.705.

Naast aftrekposten voor ondernemers kun je ook denken aan onderhoudsverplichtingen, specifieke zorgkosten, weekenduitgaven voor gehandicapten, scholing, aftrekbare giften, restant persoonsgebonden aftrek van voorgaande jaren en verliezen op beleggingen in durfkapitaal. We raden aan om deze aftrekposten naar voren te halen als dat mogelijk is.

 

2. Overweeg om je alimentatieverplichting af te kopen

Heb je een alimentatieverplichting aan je ex-echtgenoot of ex-partner? Dan is deze nu nog aftrekbaar tegen een tarief van maximaal 51,95%. In verband met de aangekondigde tariefsverlagingen de komende jaren kun je in overleg met je ex besluiten om deze verplichting af te kopen. Je voorkomt hiermee dat je als gevolg van de aftrekbeperking de komende jaren netto meer alimentatie betaalt.

De afkoop zou kunnen betekenen dat je ex meer belasting over de afkoopsom betaalt dan wanneer zij jaarlijks alimentatie ontvangt. Dit kan deels worden voorkomen via middeling of door de afkoopsom in een lijfrentepolis te storten en daaruit periodiek uitkeringen te ontvangen.

Let op!

Het afkopen van de alimentatieverplichting heeft voor jou en/of je ex-partner ook gevolgen voor de belastingheffing in box 3, voor de verschuldigde premie Zorgverzekeringswet (Zvw) en voor eventuele toeslagen. Schakel daarom een deskundige in om te berekenen of de afkoop fiscale voordelen oplevert en hoe je dit redelijk kunt verdelen tussen jezelf en je ex.

3. Koop waardevolle zaken nog dit jaar

Alle roerende zaken die voor persoonlijke doeleinden worden gebruikt of verbruikt, hoef je niet op te geven in box 3. Denk hierbij bijvoorbeeld aan inboedel, een auto, boot of caravan, juwelen of een duur horloge. Ben je van plan binnenkort een dergelijke aanschaf te doen, doe dat dan uiterlijk 31 december 2018. In de box 3-heffing per 1 januari 2019 zal dit vermogen dan niet worden meegenomen.

Let op!

Als de Belastingdienst aannemelijk kan maken dat je de zaken hoofdzakelijk ter belegging hebt gekocht, dan behoren deze wél tot het vermogen in box 3. Ook als je ze (deels) persoonlijk gebruikt.

4. Stel je opleiding niet langer uit

De kosten van een opleiding of studie voor een beroep zijn aftrekbaar als scholingsuitgaven. De plannen om deze algemene fiscale aftrek per 2019 te schrappen, zijn voorlopig uitgesteld. Totdat de invoering van een alternatief wettelijk rond is, kun je gebruik blijven maken van de scholingsaftrek. Als je recht hebt op studiefinanciering (waaronder collegegeldkrediet), dan bestaat er geen recht op aftrek.

 

5. Koop nog dit jaar een lijfrente

Koop nog dit jaar een lijfrente of stort op je lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht en creëer daarmee een extra aftrekpost. De daarvoor betaalde bedragen zijn alleen aftrekbaar als er sprake is van onvoldoende pensioenopbouw en als je aan het begin van het jaar nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd had bereikt. Dit wordt bepaald aan de hand van de jaar- en reserveringsruimte.

Je kunt deze ruimte berekenen op de site van de Belastingdienst. Vul daar de zoekterm ‘jaarruimte’ in. Als je voldoet aan de voorwaarden voor aftrek, kun je de premie aftrekken tegen maximaal 51,95%. Lijfrentes blijven de komende jaren ook gewoon aftrekbaar tegen het tabeltarief. Vanwege de daling van deze tarieven vanaf volgend jaar, is de uitkering in veel gevallen lager belast. Als je nu de premie kunt aftrekken tegen 51,95% en deze is te zijner tijd belast tegen 37,05%, bedraagt het tariefvoordeel 14,9%.

Tip:
Zorg dat je de bedragen voor je lijfrente nog in 2018 betaalt! Alleen dan kun je deze nog in aftrek brengen in de aangifte inkomstenbelasting 2018. Bovendien verminder je daarmee je vermogen, zodat je wellicht minder vermogensbelasting hoeft te betalen (box 3).

Let op!

De betaalde lijfrentepremie vermindert niet de te betalen Zvw-premie. Over de uitkering die je te zijner tijd ontvangt, betaal je ook premie Zvw. Dit betekent een dubbele heffing, voor zover je inkomen bij uitbetaling van de lijfrentetermijnen onder de Zvw-premiegrens valt en je nu de Zvw-premiegrens nog niet hebt bereikt.

Bepaalde heffingskortingen zijn (deels) inkomensafhankelijk. Zo zal de algemene heffingskorting mogelijk groter zijn als gevolg van de aftrek van een lijfrentepremie, maar boven een inkomen van € 68.507 heeft dit geen effect. De uitkering zal te zijner tijd mogelijk wel zorgen voor een lagere algemene heffingskorting. In zo’n situatie wordt het nettorendement van de lijfrente kleiner.

 

6. Voorkom belastingrente: verzoek om een voorlopige aanslag

Met betrekking tot de aanslag inkomstenbelasting 2018 rekent de Belastingdienst vanaf 1 juli 2019 een rente van 4%. Dit is hoog, zeker in vergelijking met het huidige rendement op een spaarrekening. Voorkom dat je deze hoge rente straks verschuldigd bent en controleer of je voorlopige aanslag 2018 juist is. Is deze te laag, vraag dan zo snel mogelijk een nieuwe voorlopige aanslag aan.

Tip:

Vraag ook een nieuwe, lagere voorlopige aanslag aan als je voorlopige aanslag te hoog is. In tegenstelling tot vroeger kun je niet meer ‘sparen’ bij de Belastingdienst. De Belastingdienst vergoedt namelijk over het algemeen geen rente meer over een te hoge aanslag.

7. Vraag middeling aan bij schommelende inkomsten

Heb je de afgelopen jaren sterk schommelende inkomsten gehad in box 1, dan heb je misschien meer belasting betaald dan bij gelijkmatige inkomsten het geval zou zijn geweest. In zo’n geval kun je door middel van middeling geld terugvragen bij de Belastingdienst.

Middeling vindt plaats door voor 3 aaneengesloten kalenderjaren uit te gaan van de gemiddelde inkomsten. Houd hierbij rekening met een drempel van € 545. Alleen het meerdere boven deze € 545 krijg je van de Belastingdienst terug.

Tip:

Kies de periode van 3 aaneengesloten jaren zorgvuldig, want een jaar waarover gemiddeld is, kan niet nogmaals worden meegenomen in een middelingsperiode van 3 jaren. Houd er daarbij rekening mee dat de tarieven de komende jaren fors gaan dalen, wat invloed heeft op het te behalen voordeel.

Let op!

Middeling gaat niet automatisch. Je moet hiervoor zelf een schriftelijk verzoek indienen bij de Belastingdienst. Hierin moet je zelf berekenen hoeveel belasting je na middeling terugkrijgt. Je kunt pas een verzoek indienen als de aanslagen over alle jaren uit het middelingstijdvak definitief zijn geworden. Middeling heeft overigens geen invloed op de hoogte van al verkregen toeslagen.

8. Cluster je zorgkosten

Zorgkosten zijn onder voorwaarden aftrekbaar. Er geldt wel een drempel, die afhankelijk is van de hoogte van je inkomen. Hoe hoger het inkomen, hoe hoger de drempel. Alleen zorgkosten die boven de drempel uitstijgen, zijn aftrekbaar.

Het is daarom aantrekkelijk om zorgkosten, als dat mogelijk is, binnen een jaar te clusteren. Koop je bijvoorbeeld in 2018 een nieuw gehoorapparaat en laat je in 2019 je gebit renoveren, dan heb je in beide jaren te maken met de drempel. Dit levert meestal minder aftrek op dan wanneer je beide uitgaven in één jaar doet. Het betalingsmoment is beslissend voor het jaar van aftrek.

Tip:

Houd ook rekening met het feit dat door de dalende tarieven de aftrek bij hetzelfde inkomen de komende jaren minder oplevert. Haal zorgkosten dus naar voren toe als dat mogelijk is. Vanaf 2023 leveren zorgkosten als aftrekpost immers nog maar een fiscaal voordeel op van maximaal 37,05%.

9. Cluster je giften

Giften aan goede doelen zijn, onder voorwaarden, aftrekbaar. Ook voor giften geldt echter een drempel. Alleen het meerdere van giften boven deze drempel is aftrekbaar. De drempel bedraagt 1% van je verzamelinkomen vóór aftrek van persoonsgebonden aftrekposten, met een minimum van € 60. Voor giften geldt ook een plafond van 10% van het verzamelinkomen vóór aftrek van persoonsgebonden aftrekposten.

Tip:

Je kunt giften over meerdere jaren beter clusteren, zodat je slechts 1 keer met de drempel te maken hebt. Kom je met je giften echter boven het plafond van 10% uit, dan is het juist beter om je giften over meerdere jaren te spreiden.

Tip 2:

Houd ook rekening met het feit dat door de dalende tarieven de aftrek bij eenzelfde inkomen de komende jaren minder oplevert. Haal aftrekbare giften dus naar voren toe als dat kan. Vanaf 2023 levert een gift immers nog maar een fiscaal voordeel op van maximaal 37,05%.

10. Schenk je giften periodiek

Periodieke giften zijn giften aan goede doelen in de vorm van vaste en gelijkmatige periodieke uitkeringen die uiterlijk eindigen bij overlijden. Deze giften kun je aftrekken als je gebruikmaakt van een notariële of onderhandse akte van schenking. Hierin moet zijn aangegeven dat de gift over een periode van minstens 5 jaar wordt verstrekt. Voor periodieke giften geldt geen drempel en ook geen plafond.

Tip:

Schenk periodiek als je geen last wilt hebben van de drempel of het plafond. Een notariële akte is niet nodig, een onderhandse akte is voldoende. Voor een onderhandse akte moet je wel voldoen aan een aantal eisen, maar het makkelijke is dat je een dergelijke akte gewoon kunt downloaden vanaf de site van de Belastingdienst. Zoek daarvoor op de term ‘overeenkomst periodieke giften’.

Bereken wel of dit opweegt tegen het nadeel van de dalende tarieven in de komende jaren. Vanaf 2023 levert een gift immers nog maar een fiscaal voordeel op van maximaal 37,05%.

11. Maak je (klein)kinderen blij met een schenking

Profiteer ook dit jaar nog van de jaarlijkse schenkvrijstelling. Zo kun je je kinderen in 2018 belastingvrij € 5.363 schenken en je kleinkinderen of derden € 2.147.

Voor kinderen tussen 18 en 40 jaar bestaat er een eenmalige verhoging van dit bedrag tot:

  • € 25.731
  • € 53.602 indien het bedrag gebruikt wordt voor een studie
  • € 100.800 indien het bedrag gebruikt wordt voor een eigen woning

Let op!

De eenmalige schenking van € 100.800 ten behoeve van de eigen woning geldt ook voor andere personen dan de eigen kinderen.

12. Verhoging van het lage btw-tarief

Het lage btw-tarief wordt op 1 januari 2019 verhoogd van 6% naar 9%. Indien de verhoging verwerkt wordt in de prijzen, stijgen deze hierdoor met 2,83%. Dit merk je straks vooral aan de prijzen van levensmiddelen. Daarnaast nemen de prijzen van andere goederen en diensten onder het lage btw-tarief waarschijnlijk ook toe. Denk met name aan de kapper, fietsenmaker, boeken, tijdschriften, bloemen, planten, werkzaamheden aan woningen die ouder zijn dan 2 jaar, culturele uitvoeringen, kamperen, logies, sportactiviteiten en personenvervoer. Koop dergelijke goederen en diensten als dat kan nog in 2018.

Tip:

Het kabinet heeft bekendgemaakt dat als dergelijke goederen en diensten in 2018 worden besteld en ook al betaald, terwijl ze pas in 2019 worden geleverd, er geen naheffingen plaatsvinden. Laat je dus bijvoorbeeld je meer dan 2 jaar oude woning in 2019 schilderen, maar betaal je de rekening al in 2018, dan hoeft de schilder maar 6% btw in rekening te brengen. Dit scheelt op een rekening van € 3.000 excl. btw toch € 90.

13. Beleg groen in box 3

Wil je je box 3-vermogen verlagen, denk dan ook eens aan groene beleggingen. Voor groene beleggingen geldt een vrijstelling in box 3 van maximaal € 57.845 (bedrag 2018). Heb je een fiscale partner, dan bedraagt de vrijstelling voor jou en je partner gezamenlijk zelfs het dubbele (€ 115.690). Naast de vrijstelling in box 3 heb je ook nog recht op een heffingskorting van 0,7% van het vrijgestelde bedrag in box 3.

Let op!

De vrijstelling geldt niet voor de vermogenstoets in de toeslagen.

Meer weten?

Wil je meer weten over deze eindejaarstips voor belastingplichtigen? Vul het contactformulier in of neem contact op met Kees van Laarhoven.

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Door: Kees van Laarhoven

Datum: 19-12-2018

Plaats een reactie

Reageren? Deel hier je mening. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.